Terug naar overzicht

een artikel in Trouw om van te blozen

Afgelopen maandag was de eerste repetitiedag van de nieuwe

voorstelling ‘Avondmaal’ van Paul Röttger, die uitkomt in oktober,
een voorstelling waarin opnieuw acteurs te zien zijn met en zonder
beperking. 

 

Terwijl filmmakers Carel van Hees en Stephan van Warmenhoven maandag
begonnen met de filmopnames rondom het maakproces was ook columnist
Willem Pekelder maandag op bezoek. Op dinsdag verscheen van hem het
onderstaande artikel in Trouw waar wij even van moesten blozen. 
 
We laten het je graag lezen.


Avondmaal met één lege stoel


20160502_130215
Enkele uren alvorens hij gaat repeteren voor een nieuw toneelspel,
drinkt Paul Röttger zijn ochtendkoffie in het Westerpaviljoen. Hij
vertelt dat het stuk zal gaan over mensen zonder dak boven het hoofd.
Zoals er zovelen zijn in Rotterdam: vluchtelingen, verslaafden,
zwervers. Of mensen die niet kunnen zijn wíe ze zijn. En net zoals
vorige keren is het een samenwerking tussen acteurs met en zonder
(verstandelijke) beperking. Inclusief toneel heet dat. “Kom je
kijken?”, vraagt Röttger. De eerste repetitie, en dan al
pottenkijkers. Welke regisseur durft dat aan? Het is het broze dat
ontroert in die vraag. En niet alleen in die vraag. Ook in Röttgers
producties. Telkens draait het om het breekbare in de grote stad. Om
de verbinding tussen homo’s en hetero’s bijvoorbeeld (‘Naar
vriendschap zulk een mateloos verlangen’, 2012) of tussen
psychiatrische cliënten en ‘normalen’(‘Wie is er nou gek?’,
2013). Röttger verwierf landelijke bewondering en lovende recensies.

In het Rotterdams Centrum voor Theater zitten deze middag zo’n
twintig acteurs in een kring. Wie zien zij voor zich? Een regisseur
van klein postuur, met levendige blauwe ogen en sprekende gebaren. Een
man met een lange acteer-ervaring: ‘Tartuffe’ bij het RO Theater,
‘Jeanne d’Arc’in het vrije circuit, en ‘Wachten op Godot’
bij het Nationale Toneel. Iemand die met je praat alsof jij er alleen
voor hem bent. “Hoe gaat het met je?”, vraagt hij aan Nina. “Wat
wil je met me delen?” aan Diana. “Heb je een verslaving?”aan
Paulus.

“We moeten elkaar een beetje leren kennen”, legt Röttger (62)
uit, “want je kunt niet toneelspelen zonder je eigen en elkaars
levens erin mee te nemen.”

De spelers posteren zich tegen de wanden van de repetitieruimte. In
het midden staan de lege stoelen. Drie worden er weggehaald zodat de
acteurs moeten vechten om een plekje. Door de zaal klinkt de ‘Misa
Criolla’: ‘Senor ten piedad de nosotros’. Terwijl ‘de Heer
zich over ons ontfermt’ zien we ruzies en gevechten. Sommige spelers
kleden zich uit om de kwetsbare naaktheid van de ontheemde uit te
beelden. Anderen slepen elkaar naar een veilige, warme plaats.

Tussen de stoelen bevindt zich een denkbeeldige, lange tafel. Straks,
bij de première op 20 oktober, staat er een echte. Waaraan iedereen
mag aanzitten, zowel spelers als publiek. ‘Het Avondmaal’ heet
Röttgers nieuwste schepping, vrij naar Leonardo da Vinci’s
‘Laatste Avondmaal’, met dit verschil dat bij Röttger de centrale
zetel onbezet blijft. “Ik vind dat die stoel niet voor één iemand
is, maar voor ons allemaal”, zegt Röttger, “daarom blijft ‘ie
leeg.”

De regisseur vindt dat we elkaar te weinig tegenkomen in de stad: de
witte en de gekleurde, de nuchtere en de verslaafde, de christen en de
moslim. Alles wat ‘afwijkt’, woont apart. Jammer, meent Röttger,
want we zouden een veel beter en mooier bestaan hebben als we het
sámen beleefden. Hij heeft Harry Kuitert gelezen, de
vrijzinnig-protestantse theoloog. En raakte geroerd door diens
omschrijving van het menselijk lot: voor een tijd een plaats van God.
“Als ik in één zin moet samenvatten waarover ‘Het Avondmaal’
gaat, dan dáárover.”

Willem Pekelder
3 mei 2016
Trouw